Noot 34 Informatie over risico’s en financiële instrumenten

Algemeen

De volgende financiële risico’s kunnen worden onderscheiden: marktrisico, kredietrisico en liquiditeitsrisico. Het marktrisico wordt gedefinieerd als het risico van een verlies als gevolg van een negatieve verandering van marktprijzen. Alliander staat hoofdzakelijk bloot aan een commodity prijsrisico en aan valuta- en interestrisico. Het kredietrisico is het risico dat voortkomt uit het in gebreke blijven van tegenpartijen waarmee handels- en verkooptransacties worden aangegaan. Het liquiditeitsrisico is het risico dat de onderneming niet in staat zal zijn om te voldoen aan zijn betalingsverplichtingen.

Deze noot geeft informatie over de bovengenoemde financiële risico’s waaraan Alliander is blootgesteld, de doelstellingen en het beleid betreffende de beheersing van risico’s uit hoofde van financiële instrumenten, alsmede het beheer van kapitaal. Nadere kwantitatieve toelichtingen worden gegeven in de diverse voetnoten in de geconsolideerde jaarrekening.

Marktrisico

Alliander is onderhevig aan de volgende potentiële marktrisico’s:

  • commodity prijsrisico: het risico dat de waarde van een financieel instrument verandert als gevolg van veranderingen in commodityprijzen; dit betreft met name de inkoop van netverliezen;

  • valutarisico: het risico dat de waarde van een financieel instrument verandert als gevolg van fluctuaties in valutakoersen;

  • interestrisico: het risico dat de waarde van een financieel instrument verandert als gevolg van veranderingen in marktrentes.

Alliander dekt marktrisico’s af door middel van de aan- en verkoop van derivaten. Alliander tracht de volatiliteit in de winst-en verliesrekening zoveel mogelijk te beperken door het toepassen van hedge-accounting. Alle transacties worden uitgevoerd binnen de richtlijnen zoals goedgekeurd door de Raad van Bestuur.

Commodity prijsrisico

Voor wat betreft de inkoop van netverliezen is Alliander gevoelig voor het effect van marktfluctuaties in de prijzen van diverse energiecommodities, waaronder maar niet uitsluitend: elektriciteit en groencertificaten.

Valutarisico

Algemeen

Alliander loopt valutarisico op inkopen, liquide middelen, opgenomen leningen en overige balansposities die luiden in een andere valuta dan de euro. De valutarisico’s bestaan uit transactierisico’s. Dit betreffen risico’s ten aanzien van toekomstige kasstromen in vreemde valuta, alsmede ten aanzien van balansposities in vreemde valuta. Valutarisico’s bestaan ultimo 2018 hoofdzakelijk uit hoofde van balansposities in US-dollars. Genoemde risico’s worden zoveel mogelijk afgedekt.
Dochterondernemingen rapporteren valutaposities en -risico’s aan de Treasury-afdeling binnen Alliander. Deze posities en risico’s worden voornamelijk ‘back-to-back’ ingedekt bij externe tegenpartijen door middel van spot- en valutatermijncontracten.

Blootstelling aan valutarisico en gevoeligheidsanalyse

Alliander is met name werkzaam in Nederland en voor een klein gedeelte in Duitsland en loopt derhalve over zijn operationele activiteiten geen valutarisico. Niet operationele risico’s in dit kader betreffen ultimo 2018 de in de jaarrekening vermelde beleggingen en verplichtingen behorende bij twee cross border leasecontracten.

Liander heeft in de balans beleggingen en verplichtingen opgenomen in US-Dollars inzake twee CBL-contracten. Uit de tabel valt af te leiden dat valutarisico’s geen direct effect hebben op de eigen vermogenspositie. Alle valuta-omrekeningverschillen worden via het resultaat verwerkt.

In 2018 is vanuit het ‘Euro-Commercial Paper Programme’ financiering aangetrokken in US Dollars. Per ultimo 2018 bedraagt deze positie nihil (2017: € 125 miljoen). De valuta-omrekeningverschillen zijn via het resultaat verwerkt en hebben geen effect op de eigen vermogenspositie.

Gevoeligheidsanalyse valutarisico

De volgende belangrijke wisselkoersen zijn van toepassing per balansdatum:

Valutakoersen

EUR

2018

2017

USD

1,145

1,202

GBP

0,889

0,854

Interestrisico

Algemeen

In de volgende tabel wordt inzicht gegeven in de mate waarin Alliander is blootgesteld aan wijzigingen in de interestpercentages voor financiële instrumenten. De tabel toont de effectieve rente per balansdatum, alsmede de vervaldatum of - indien eerder - de contractuele renteherzieningsdatum.

Alliander heeft ultimo 2018 en 2017 geen renteswaps uitstaan.

Vervaldatum of eerdere contractuele renteherzieningsdatum

 

Effectief rente-percentage

Variabel/ vastrentend

Boekwaarden

€ miljoen

  

Minder dan 1 jaar

1-5 jaar 

Meer dan 5 jaar

Totaal

Per 31 december 2018

      

Activa

      

Beleggingen in obligaties en overige financiële activa

6,2%

Vast / variabel

-

8

148

156

Leningen en vorderingen

  

4

61

6

71

Liquide middelen

 

Variabel

140

-

-

140

       

Totaal activa

  

144

69

154

367

       

Opgenomen leningen

      

Achtergestelde leningen

8,5%

Vast

-7

-23

-42

-72

Onderhandse en groenleningen

1,4%

Vast

-

-1

-311

-312

Euro Medium Term Notes

2,6%

Vast

-300

-399

-697

-1.396

Euro Commercial Paper

0,0%

Vast

-

-

-

-

Overig

 

Variabel

-14

-

-2

-16

Financiële leaseverplichtingen

6,8%

Vast

1

-5

-155

-159

       

Totaal verplichtingen

  

-320

-428

-1.207

-1.955

       

Per 31 december 2017

      

Activa

      

Beleggingen in obligaties en overige financiële activa

5,3%

Vast / variabel

10

40

143

193

Leningen en vorderingen

  

3

7

32

42

Liquide middelen

 

Variabel

101

-

-

101

       

Totaal activa

  

114

47

175

336

       

Opgenomen leningen

      

Achtergestelde leningen

8,6%

Vast

-6

-29

-41

-76

Onderhandse en groenleningen

1,3%

Vast

-

-2

-85

-87

Euro Medium Term Notes

2,6%

Vast

-

-698

-697

-1.395

Euro Commercial Paper

0,7%

Vast

-225

-

-

-225

Overig

 

Variabel

-

-

-1

-1

Financiële leaseverplichtingen

6,5%

Vast

1

-5

-146

-150

       

Totaal verplichtingen

  

-230

-734

-970

-1.934

Gevoeligheidsanalyse met betrekking tot reële waarde voor vastrentende activa en verplichtingen

Alliander heeft geen vastrentende financiële activa en verplichtingen die tegen reële waarde via het resultaat worden verwerkt.

Gevoeligheidsanalyse met betrekking tot kasstromen voor variabel rentende activa en verplichtingen

Alliander heeft geen variabel rentende financiële activa en verplichtingen die tegen reële waarde via het resultaat worden verwerkt.

Afdekkingstransacties

Reële waarde afdekking

Om risico’s op schommelingen in de reële waarde van financiële activa en/of verplichtingen, alsmede vaststaande toezeggingen geheel of ten dele af te dekken, heeft Alliander in voorgaande jaren gebruik gemaakt van derivaten.

Kredietrisico

Algemeen

Het kredietrisico is het risico van een verlies dat ontstaat doordat een tegenpartij niet bereid of niet in staat is zijn verplichtingen na te komen. Binnen de organisatie worden kredietanalyses en kredietbeheer toegepast, waarbij de mate van beoordeling afhankelijk is van de omvang van het kredietrisico dat bij een transactie ontstaat.

Liquiditeitsoverschotten worden tegen marktconforme voorwaarden uitgezet in de geld- en kapitaalmarkt bij instellingen die voldoen aan een door de Raad van Bestuur vastgestelde lijst van criteria en daarmee vastliggende toegestane tegenpartijen tot maximaal de voor die partij geldende limiet. Daarnaast zijn normen vastgesteld voor het kredietwaardigheidsniveau van de beleggingen op basis van door kredietbeoordelingbureaus vastgestelde credit ratings. Wijzigingen in beleggingen die Alliander heeft gedaan in het kader van de cross border leasecontracten behoeven individuele goedkeuring van de Raad van Bestuur. Deze beleggingen zijn gedaan voor lange looptijden en beogen voldoende rendement te genereren om aan de toekomstige leaseverplichtingen te voldoen. De portefeuille van beleggingen waarover Alliander kredietrisico loopt bestaat met name uit deposito’s en waardepapieren. Het kredietrisico wordt beheerst door middel van een gevestigd kredietbeleid, regelmatige monitoring van kredietposities en het toepassen van risicobeperkende instrumenten.

Kredietkwaliteit

Treasury

De kredietkwaliteit van de financiële instellingen waar Alliander een vordering op heeft wordt gemonitord met behulp van kredietanalyses op naam, CDS-niveau en credit ratings. Het grootste deel van de liquide middelen, alsmede de CBL gerelateerde beleggingen, staat uit of is belegd bij partijen met een credit rating in de categorie A of hoger. Hiervan staat 43% (2017: 70%) uit bij partijen met een AA rating of hoger.

Verkoop

Alliander is onderhevig aan kredietrisico; dit is het risico dat klanten niet betalen voor geleverde diensten. Intern zijn procedures opgesteld teneinde kredietposities van tegenpartijen te beperken en om te waarborgen dat openstaande posities worden afgedekt door zekerheden, bijvoorbeeld in de vorm van bankgaranties.

Maximum kredietrisico

Het maximum kredietrisico is de balanswaarde van elk financieel actief, met inbegrip van afgeleide financiële instrumenten. Het maximum kredietrisico dat Alliander loopt uit hoofde van de cross border leasetransacties bedraagt $ 2,8 miljard (2017: $ 2,8 miljard). De balanswaarde van de beleggingen in obligaties die Alliander in zijn balans heeft opgenomen bedraagt € 156 miljoen (2017: € 193 miljoen).

Vervallen termijnen

De vorderingen waarvan de betalingstermijn is verstreken, maar die niet voorzien zijn, betreffen alleen debiteuren uit reguliere verkopen. Ook de voorziening voor oninbaarheid ziet alleen op debiteuren uit reguliere verkopen. De ouderdom van debiteuren waarvan de betalingstermijn is verstreken per balansdatum is als volgt (bruto bedragen):

Ouderdomsanalyse debiteuren

€ miljoen

2018

2017

Niet vervallen

35

34

0-30 dagen

32

25

31-90 dagen

10

10

91-360 dagen

3

5

> 360 dagen

3

8

   

Boekwaarde per 31 december

83

82

Het grootste deel van de voorziening voor oninbaarheid wordt gevormd op basis van een staffel die is gebaseerd op ervaringscijfers. Het overige gedeelte wordt gevormd op basis van beoordeling van individuele debiteuren. De reële waarde van de verkregen zekerheden die gerelateerd zijn aan reeds vervallen en afgeboekte debiteuren bedraagt nihil (2017: nihil).
Onder de overige vorderingen en overlopende activa zijn geen posten ouder dan één jaar verantwoord.

Verloopstaat voorziening voor oninbaarheid

Het verloop van de voorziening voor oninbaarheid met betrekking tot de debiteuren kan als volgt worden weergegeven:

€ miljoen

2018

2017

Boekwaarde per 1 januari

10

12

Gebruik van de voorziening voor oninbaarheid (afboeking debiteuren)

-3

-2

Vrijval van / dotatie aan voorziening via het resultaat

2

-

   

Boekwaarde per 31 december

9

10

Liquiditeitsrisico

Liquiditeitsrisico omvat het risico dat Alliander niet in staat is om de benodigde financiële middelen te verkrijgen om tijdig aan zijn verplichtingen te voldoen. Hiertoe beoordeelt Alliander regelmatig de verwachte kasstromen over een periode van een aantal jaren. Deze kasstromen omvatten onder meer operationele kasstromen, dividenden, betalingen van interest en aflossingen van schulden, vervangingsinvesteringen en de consequenties van wijzigingen in de kredietwaardigheid van Alliander. Het doel is te allen tijde voldoende middelen ter beschikking te hebben om in de liquiditeitsbehoefte te kunnen voorzien. Bij de planning van de liquiditeits- en vermogensbehoefte wordt uitgegaan van een horizon van minimaal vier jaar. Eind 2018 heeft Alliander een gecommitteerde kredietfaciliteit van € 600 miljoen (tot 28-7-2023). Deze faciliteit kan worden gebruikt voor algemene operationele doeleinden, de financiering van werkkapitaal of de herfinanciering van schulden. Naast de kredietfaciliteit, waarop ultimo december 2018 niet is getrokken, heeft Alliander een ECP-programma van € 1,5 miljard waaronder per ultimo boekjaar geen bedrag uitstaat (2017: € 0,225 miljard) en een EMTN-programma van € 3 miljard waaronder per 31 december 2018 een bedrag van € 1,4 miljard uitstaat (2017: € 1,4 miljard). Om inzicht te verschaffen in het liquiditeitsrisico, zijn in de volgende tabel de contractuele looptijden weergegeven van de financiële verplichtingen (omgerekend tegen balanskoers), inclusief interestbetalingen.

Het liquiditeitsrisico voortvloeiend uit mogelijke margin calls gerelateerd aan vreemde valuta- en rentemanagement transacties en commodity-contracten bestemd voor eigen gebruik wordt nauwgezet gemonitord en beperkt door spreiding aan te brengen in het aantal partijen waarmee transacties worden aangegaan, naast het ervoor zorgdragen dat er passende drempelwaardes en bepalingen zijn opgenomen in ISDA’s (International Swaps and Derivatives Association) en CSA’s (Credit Support Annex).

In 2018 zijn conform voorgaand jaar geen margin call verzoeken door Alliander ontvangen. Alliander heeft in dezelfde periode wel verscheidene malen margin call verzoeken gedaan. Per ultimo 2018 staat uit hoofde hiervan voor in totaal €14 mln aan waarborgsommen bij Alliander uit. Deze bedragen zijn door de tegenpartij dagelijks opeisbaar al naar gelang de waardeontwikkeling van de onderliggende contracten.

Liquiditeitsrisico 2018 en 2017

 

Boekwaarde

Contractuele kasstromen

€ miljoen

 

Minder dan 1 jaar

1 - 5 jaar

Meer dan 5 jaar

Totaal

Per 31 december 2018

     

Opgenomen leningen

     

Hoofdsommen

-1.796

-321

-425

-1.058

-1.804

Interest

-

-47

-117

-296

-460

Financiële leaseverplichtingen

-159

-11

-45

-192

-248

Crediteuren

-164

-164

-

-

-164

Overige schulden

-368

-368

-

-

-368

Niet uit de balans blijkende verplichtingen

     

Verplichtingen uit hoofde van operationele leases

-

-20

-46

-68

-134

      

Totaal

-2.487

-931

-633

-1.614

-3.178

      

Per 31 december 2017

     

Opgenomen leningen

     

Hoofdsommen

-1.784

-231

-731

-789

-1.751

Interest

-

-47

-129

-288

-464

Financiële leaseverplichtingen

-150

-10

-49

-187

-246

Crediteuren

-132

-132

-

-

-132

Overige schulden

-368

-368

-

-

-368

Niet uit de balans blijkende verplichtingen

     

Verplichtingen uit hoofde van operationele leases

-

-28

-60

-65

-153

      

Totaal

-2.434

-816

-969

-1.329

-3.114

Bepaling reële waarde

In de onderstaande tabel worden de financiële instrumenten die gewaardeerd zijn tegen reële waarde vermeld, gerangschikt naar de reële waarde hiërarchie. Een CBL belegging, welke ultimo 2017 is gewaardeerd tegen reële waarde, is vanaf 2018 gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs. Daarbij zijn de niveaus van inputdata voor het bepalen van de reële waarden als volgt gedefinieerd:

    • niveau 1, genoteerde prijzen (niet-aangepast) op actieve markten voor vergelijkbare activa of verplichtingen;

    • niveau 2, andere inputs dan de in niveau 1 ondergebrachte genoteerde prijzen die voor het actief of de verplichting waarneembaar zijn, hetzij direct (d.w.z. als prijzen) hetzij indirect (d.w.z. afgeleid van prijzen);

    • niveau 3, inputs die niet gebaseerd zijn op waarneembare marktgegevens.

Reële waarde hiërarchie

 

31 december 2018

31 december 2017

€ miljoen

Niveau 1

Niveau 2

Niveau 3

Totaal

Niveau 1

Niveau 2

Niveau 3

Totaal

Activa

        

Beleggingen in obligaties

-

-

-

-

-

193

-

193

         

Totaal activa

-

-

-

-

-

193

-

193

         

Passiva

        

Derivaten kortlopend

-

-

-

-

-

2

-

2

         

Totaal passiva

-

-

-

-

-

2

-

2

De indeling van de instrumenten naar de niveaus vindt zover mogelijk plaats op basis van de beschikbaarheid van genoteerde prijzen op actieve markten of andere waarneembare inputs. Wijziging van de indeling vindt slechts plaats als dat noodzakelijk is als gevolg van wijzigingen in de beschikbaarheid van de relevante inputs. Gedurende het verslagjaar is dit niet aan de orde geweest; er hebben dan ook geen overdrachten tussen de verschillende niveaus van de reële waarde hiërarchie plaatsgevonden.

Gehanteerde waarderingsmethoden voor bepaling van reële waarden niveau 2

De beleggingen in obligaties hebben betrekking op de cross border leasecontracten. De reële waarde is bepaald door de toekomstige kasstromen contant te maken met de op rapportagedatum geldende interbancaire rentevoet en de in de markt waarneembare creditspreads voor deze of vergelijkbare beleggingen.

Reële waarde van overige financiële instrumenten

In de onderstaande tabel worden de reële waarden weergegeven van de financiële instrumenten die niet tegen reële waarde, maar tegen de geamortiseerde kostprijs zijn opgenomen. Daarbij zijn de niveaus van inputdata volgens de reële waarde hiërarchie vermeld.

Reële waarde van financiële activa en verplichtingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs

€ miljoen

Noot

31 december 2018

31 december 2017

  

Reële waarde

Niveau

Reële waarde

Niveau

Vaste activa

     

Beleggingen in obligaties en overige financiële activa

7

253

2

41

2

      

Financiële verplichtingen

     

Langlopend

     

Financiële leaseverplichtingen

19

-204

2

-200

2

Opgenomen leningen:

     

Euro Medium Term Notes

13

-1.184

1

-1.531

1

Overige opgenomen leningen

13

-396

2

-173

2

Totaal langlopende financiële verplichtingen

 

-1.784

 

-1.904

 
      

Kortlopend

     

Opgenomen leningen:

     

Euro Medium Term Notes

13

-313

1

-

 

Euro Commercial Paper

13

-

2

-225

2

Overige opgenomen leningen

13

-28

2

-11

2

Totaal kortlopende financiële verplichtingen

 

-341

 

-236

 
      

Totaal financiële verplichtingen

 

-2.125

 

-2.140

 

Bepaling reële waarde

De reële waarde van deze instrumenten is als volgt bepaald:

Beleggingen in obligaties en overige financiële activa: de reële waarde van de uitstaande leningen is bepaald aan de hand van de te ontvangen kasstromen die zijn verdisconteerd met de risicovrije rentevoeten verhoogd met de kredietopslagen voor deze of vergelijkbare beleggingen. Voor het kortlopende deel van deze vorderingen is verondersteld dat de reële waarde nagenoeg overeenkomt met de boekwaarde.

Opgenomen leningen: de reële waarde van de Euro Medium Term Notes is bepaald aan de hand van marktnoteringen in Bloomberg. De reële waarde van de overige opgenomen leningen is bepaald aan de hand van de uitgaande kasstromen die zijn verdisconteerd met de risicovrije rentevoeten verhoogd met de voor Alliander geldende creditspreads. Voor het kortlopende deel van deze opgenomen leningen wordt verondersteld dat de reële waarde nagenoeg overeenkomt met de boekwaarde.

Financiële leaseverplichtingen: de reële waarde van deze verplichtingen is bepaald aan de hand van de toekomstige kasstromen die zijn verdisconteerd met de risicovrije rentevoeten verhoogd met de voor Alliander geldende creditspreads.

De reële waarde van de onderstaande financiële activa en verplichtingen komt nagenoeg overeen met de boekwaarde van deze instrumenten:

    • handels- en overige vorderingen;

    • kortlopende belastingvorderingen;

    • kortlopende overige financiële activa;

    • liquide middelen;

    • handelsschulden en overige te betalen posten;

    • kortlopende belastingverplichtingen.

Financieel beleid

Het financieel beleid van Alliander, dat onderdeel is van het algemene beleid en de strategie van de groep, richt zich op het realiseren van een adequaat rendement voor aandeelhouders en het beschermen van de belangen van obligatiehouders en andere verschaffers van vermogen met behoud van de flexibiliteit om te groeien en te investeren. Binnen het financiële kader van Alliander wordt de in 2018 uitgegeven achtergestelde eeuwigdurende obligatielening voor 50% als eigen vermogen en voor 50% als vreemd vermogen aangemerkt. Dit in tegenstelling tot IFRS, waar de achtergestelde eeuwigdurende obligatielening als 100% eigen vermogen wordt aangemerkt.

Financiële baten en lasten

In onderstaande tabel is aangegeven welke baten en lasten uit hoofde van financiële instrumenten in de winst-en-verliesrekening zijn verantwoord:

Invloed winst-en-verliesrekening uit hoofde van financiële instrumenten

€ miljoen

2018

2017

Nettoresultaat op derivaten aangehouden voor handelsdoeleinden:

  

Waardewijzigingen van valutaderivaten

-

-30

Nettoresultaat op beleggingen in obligaties

-

-20

Nettoresultaat op financiële verplichtingen die tegen geamortiseerde kostprijs worden gewaardeerd:

  

Rentelasten uit hoofde van financiële verplichtingen tegen geamortiseerde kostprijs

-58

-59

Rentebaten banksaldi, uitgegeven leningen, debiteuren, overige vorderingen en deposito's

11

12

Valutaresultaat

2

55

Ontvangen en betaalde fees anders dan voor het berekenen van de effectieve rentevoet

-1

-1

   

Netto financiële baten en lasten

-46

-43

   

Bijzondere waardeverminderingen handelsdebiteuren

-2

-

   

Overige bedrijfskosten

-2

-